EEN ODE AAN ‘MIJN’ OUDJES

Vanavond fiets ik richting Houten en zoals gewoonlijk klets ik weer honderduit tegen mijn vriend. Voor op mijn fiets zit Lizz in haar groene mandje. Terwijl we met z’n drieën samen zijn, haal ik herinneringen op over mijn oude baan.

‘In die vier en een half jaar op de psychogeriatrische afdeling heb ik zoveel geleerd van ‘mijn’ oudjes, hè’, zeg ik vol trots tegen mijn vriend. Ineens krijg ik ook een brok in mijn keel en moet ik even stoppen met kletsen. Het ontroerd me. Van hen heb ik namelijk geleerd wat ‘echt’ belangrijk is.

De bewoners in het verpleeghuis heb ik aan het bed verzorgd, eten gegeven en ondersteund op verdrietige momenten. Samen hebben we ook mooie dagen gehad met leuke uitjes naar het ‘Muntmuseum’ of de moestuin van ‘Food for Good’. Op warme avonden zaten we gezellig met een groepje in de tuin, dronken we koffie en aten we heel veel koekjes. Met het WK- voetbal waren we allemaal in het oranje gekleed, juichte we de voetballers toe en tijdens de Nationale Dodenherdenking was iedereen twee minuten muisstil.

Inmiddels fietsen mijn vriend, hondje Lizz en ik langs het Amsterdamrijnkanaal en zoek ik in de berm naar kamille. Mijn verhaal word hierdoor even gestaakt, maar ik vind niets. Dan pak ik al snel de draad weer op en klets verder.

Een bijzonder moment vond ik om de laatste zorg te verlenen aan een dame die ik al meer dan drie jaar kende. Ze was overleden en ik mocht haar samen met een collega verzorgen.

Alle ‘oudjes’ betekenen iets voor mij. Ik help hun, zij helpen mij. Dit is misschien wel de fijnste hulpverlening.Een aantal bewoners noemde ik ‘ome Kees’ of ‘tante Bep’, dat vonden ze leuk. Voor andere bewoners had ik zelfs een koosnaam bedacht, zoals ‘Kersenpitje’ of ‘Kokkie’. Als niemand ons hoorde, kon ik ook weleens ‘Schat’ of ‘Lieffie’ op z’n Utregs zeggen. Dit kon nog wel eens beschouwd worden als onprofessioneel. Maar de bewoners waren op dat moment ‘mijn’ oudjes en het bracht een glimlach op hun gezicht. Het leek wel alsof ze zich hierdoor ‘speciaal’ voelde. Ik gaf om wie ze waren en dit schepte een band.

Als ik naast hen zat, werd mijn hand soms vastgehouden of onderarm gekriebeld. Voordat mijn dienst begon, maakte één bewoner altijd een vlecht in mijn haar. De dame was al 99 jaar oud en toch had ze de kunst om haren te vlechten nooit verleerd. Zelfs als we gingen ‘sporten’, kon ik op mijn hoofd een liefdevolle klap met zo’n ‘noodle’ verwachten. Een moment van aandacht voor elkaar, er zijn.

Taaie tantes en ooms met levenservaring. En ineens wonen ze op een gesloten afdeling, omdat ze vergeetachtig worden. 

Als je hier woont, heb je ineens een leven waarin je volledig overgeleverd bent aan iemand anders. Iemand die het hopelijk beter weet voor jou, want zelf kan je dit niet meer. Spullen en geld worden hierdoor onbelangrijk. Alle materie verliest zijn waarde. Het is enkel gezondheid en familie dat waardevol blijft.

Hoe vaak hoor je iets in de trant van ‘Het leven is kort. Voor je het weet, is het leven voorbij’ of ‘Je ‘moet’ van het leven genieten’. Ondertussen ploeteren de meeste mensen zich een weg door de dagelijkse sleur om vervolgens geld te verdienen om meer dan het noodzakelijke in het leven te bekostigen. Waarom? Is het status of kunnen ze echt niet zonder?

Uiteindelijk gaan we dood en niets kan meegenomen worden naar het hiernamaals. Er zal geen haan om kraaien. Niemand zal denken, ‘Och, wat ben ik blij dat ik toen die auto heb gekocht, want zonder die auto had mijn leven niets betekent.’ 

Er is nog nooit een afscheidspeech geschreven met daarin de woorden ‘Vanwege zijn villa en rete dure merkkleding, was hij een mooi mens’.

Je bent niet wat je hebt. Spullen bepalen niet de waarde van je leven. 

Het kan zomaar zijn dat je straks op een kamer ligt van ‘pak ‘m beet’ drie bij zes vierkante meter met daarin enkel een bed, een stoel en een beetje opbergruimte. Niemand die dan iets geeft om jouw materialistische leven en geloof me dit interesseert jou ook niet. Het maakt dan niet meer uit wat je baan was, hoeveel je verdiende of wat je bezit. Je zal echt niet liefdevoller worden verzorgd.

Ik heb veel ouderen gekend en allemaal zal ik hen herinneren. Niet vanwege hun rijkdom aan materie, maar rijkdom aan liefde.

We fietsen met z’n drieën gemeente Houten binnen en ik vind hier eindelijk kamille. Ik stap van de fiets en pluk een klein bosje. Daar ga ik zo een lekker kopje thee mee zetten.

Liefs, Elcke

4 gedachtes over “EEN ODE AAN ‘MIJN’ OUDJES

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s